Hoe is Bolivia?

      1 reactie op Hoe is Bolivia?

Bij Villazon.

Ik vind het altijd spannend om een voor mij onbekend land binnen te fietsen. Zou ik binnen mogen? Heb ik de juiste papieren wel? Geen spullen in de tas die niet binnen mogen? Zelden zo eenvoudig een grens overgestoken (buiten Schengengebied natuurlijk) als die tussen Argentinië en Bolivia. De Boliviaanse douanemeneer wilde weten hoe lang wij dachten te blijven. “Ongeveer 2 maanden” zei ik. Hij bromde iets onverstaanbaars, draaide zich om, zette een stempel in elk paspoort en schreef daar met een pen “90 dias” doorheen. Met een 2e bromgeluid kregen wij de paspoorten terug. Klaar. Nu hadden wij nog aardig wat Argentijnse pesos op zak. Die kun je namelijk gunstiger omruilen in Bolivia dan in Argentinië. Toen we de Argentijnse grensplaats La Quiapa binnen fietsten, begon ik te denken wat we misschien nog hier moesten kopen omdat dat in Bolivia wellicht lastiger zou zijn. Ik dacht aan zonnebrand met een hoge beschermingsfactor bijvoorbeeld. Of een extra isolerend slaapmatje voor mij, want er komen koude nachten aan. Maar ja, Argentinië hè. Dus siësta. En wij reden rond 15:30 uur het dorp in. Alles dicht. En dan is er geen peil op te trekken tot hoe laat de winkels dicht zijn. Dat verschilt per dorp. Ergens tussen 12 en 13:30 sluit alles en tussen 16:30 en 18:30 gaan ze weer open. Meestal tenminste, en zo ongeveer. Dat doen ze in Bolivia anders. Ja, voor veel kleinere eenmanszaakjes is er een sluiting van pakweg een uur. Even eten. Verder zijn ze gewoon open tussen 9 en 18 uur. Een verademing! En hoewel er veel straatverkoop is, en er heel veel kleine winkeltjes zijn (en nauwelijks grote), kon ik probleemloos mijn zonnebrand en een slaapmatje kopen. Dat laatste was leuk. We liepen langs een klein zaakje met van alles te koop. Ik zag een paar slaapzakken liggen en wat rugzakken aan de muur. Effe vragen, je weet maar nooit. De vriendelijke man zei dat hij thuis nog één zo’n matje had liggen. In de catalogus van Doîte, de Chileense Beversport, liet hij zien welke. Precies de goede. Als we 5 minuten hadden, dan ging hij hem even halen. Wij gingen een andere boodschap doen en ja hoor, na een kwartier had ik mijn matje. We stonden nog wat te kletsen en ik vroeg hem of hij ook wist waar we een wasserette konden vinden. Hij moest even nadenken, begon met een antwoord en zei toen: “Weet je wat, ik rijd jullie er wel even langs met de auto.”. Hij doet zijn winkel op slot en rijdt ons er langs. Het was al wat later dus de wasserette was gesloten. En morgen is het zondag. “Maar”, zegt de man, “de vrouw van de wasserette woont ernaast. Je kunt altijd even aanbellen en vragen.”.

de ijscovrouw

Vervolgens rijden we terug richting zijn winkel en vertelt hij waar we boodschappen kunnen doen en waar je de lekkerste kip kunt eten. En als we nog meer vragen hebben, moeten we gewoon even bij hem langs komen. Ze hadden ons gewaarschuwd voor de stugge en weinig behulpzame Bolivianen. Goed om te weten dat ze niet allemaal zo zijn!

Het wc-papier wordt afgeleverd.

Zondag hebben we tijd om Villazon, het grensdorp, te verkennen. Zelfs op zondag is zeker de helft van de winkeltjes open en is er straatverkoop. En daarmee is er dus leven op straat, ook aan het begin van de avond. Dat hebben we sinds Mexico gemist. Natuurlijk is het hier kouder, en dus is het ook eerder afgelopen, maar het is er. Een groot deel wordt verzorgd door vrouwen in traditionele kledij. Niet altijd even charmant (bolhoedjes) maar altijd kleurrijk. En omdat het authentiek is, mag het ook minder mooi zijn, vind ik. Is het in Bolivia dan alleen maar leuk? Nee, natuurlijk niet. Ook hier een overdaad aan straathonden die vooral ’s avonds tekeer gaan.

 Op straat eten.

En ook hier hebben ze er geen probleem mee om de muziek op een feestje lekker hard te zetten. Het hotel dat we uitgekozen hadden, bleek die zaterdagavond een feestje te geven omdat het 15 jaar bestond. Luid en duidelijk tot 3 uur. De sponningen trilden er van! De 2e avond, toen wij rekenden op absolute rust, bleek dat de herrie van zaterdagavond een mix was van het feestje en de karaokebar, een paar deuren verder. Het hotel had op zondag geen feest meer, maar de karaokebar ging weer gewoon tot 3 uur door. Kon ik dan na 3 uur lekker slapen? Nee, helaas. Een serieus probleem is de hoogte waarop Villazon ligt: 3500 meter. Veel minder zuurstof in de lucht dus. En dat merkte ik. Op het moment dat ik indommelde, schrok ik meteen weer wakker en had ik ademnood. Ik moest meteen diep inademen door de mond. En dat ging zo de hele nacht door. Ik begin nu een beetje te begrijpen wat het betekent om met een longaandoening door het leven te moeten. Geen pretje. Nu hoop ik dat we er wel een beetje aan gaan wennen. We waren van plan om nog minstens een dag te blijven in Villazon. Maar na een 2e nacht karaokegedreun wisten we zeker dat we dat niet nog een nacht wilden. Dan maar de fiets op met als risico dat we ergens halverwege amechtig in de goot zouden liggen. Dus op maandag naar Tupiza. De eerste korte klimmetjes waren vreselijk. Niet omdat ze steil waren, maar omdat we meteen totaal buiten adem waren. Na een kilometer of 50 golvende hoogvlakte doken we een mooi dal in. Armoedige dorpjes, lemen huisjes en keuterboertjes in een schitterend decor. Via een smalle canyon naar Tupiza.

Op naar Tupiza.

Een leuk stadje, een geweldig hostal (Butch Cassidy) en een zeer fraaie, ruige omgeving. Meermaals opgenomen in de Dakarrally (hebben wij nu ook een stukje van gedaan!). Hier even lekker acclimatiseren voor we naar Uyuni gaan. Bolivia is mooi, soms zelfs adembenemend mooi.

 

1 gedachte over “Hoe is Bolivia?

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.