Met horten en stoten

      2 Reacties op Met horten en stoten

Wij wisten het steeds zekerder: op maandag 18 juli zou de akte passeren. Gaan we daar op wachten (Ton) of gaan we alvast die kant uit (Annette). Dat laatste dus. Na een leuke kennismakings-bbq op ons resort op zaterdagavond, treffen we op zondagochtend, met een kleine kater, de laatste voorbereidingen. Begin van de middag zijn we zo ver: kar vol, auto vol, gaan! We waren het park nog niet af of de auto gaf een piep en een melding: trekhaakproblemen. Oké. Stekker er niet goed in. Dit bleek de voorbode van een tocht met hindernissen. Om te beginnen gaf de auto deze melding bij elk hobbeltje. Zelfs een voegovergang van een brug gaf deze melding. En wat ik ook deed, het stemde de auto niet tevreden. Hij bleef piepen. Zo erg dat ik bij Zwolle al volledig bereid was om te keren en op maandag een garage te zoeken. Maar dan lukt het om de auto wat langer stil te krijgen. We zijn onderweg. En ergens passeer je dan het punt waarna je niet meer terug gaat keren. Hoe erg de auto ook gaat piepen. We redden het tot Esneux, net onder Luik. Een camping die vorig jaar nog volledig overstroomd was. Nu in wederopbouw. Leuke mensen.

Telraam Jeu des Boules-baan. Onze “fatale” lunchplek.

Maandag vrolijk op weg. We gaan proberen Busserolles te bereiken om een avondje bij Jor en Roo te hebben. Het gepiep vanwege de niet goed aangesloten stekker gaat gewoon verder. Blind duw ik de melding steeds weg. Niet wetende dat er ook andere meldingen tussen zitten: motorstoring. Nu kennen we die ook al langer. Negeren werkt meestal prima. Ze maken ons niet blij met dat soort moderne snufjes. Maar dan loopt in een keer het vermogen van de auto terug. Ongeveer de hele dag op N-wegen gezeten en dan nog op het laatst een stukje A20. De temperatuur tikt inmiddels de 40 graden aan.

Warm!

De snelheid zakt terug naar 60 km per uur. Dat is niet fijn op de A20 waar ook nog de nodige vrachtwagens rijden. Alarmlichten aan en de vluchtstrook op. Zo hobbelen we naar de Aire de Boismandé Ouest, 4 km verder. Bellen met de Nederlandse pechhulp. “Helaas mogen wij niks doen op Franse snelwegen. U moet 112 bellen. Die regelen een garage. Die brengt je dan naar een afrit, dan kun je ons weer bellen en kunnen wij helpen.” Na een diepe zucht 112 gebeld. Binnen 20 minuten is er iemand. Hij “leest ” de auto. Oververhit. Minstens drie keer. Waarschijnlijk meldingen tussen de trekhaakpiepjes door. Ongezien weggedrukt. En ja, de auto is zwaar bepakt en de aanhanger nog zwaarder. En dat in de heuvels met deze temperaturen. Volgens hem kunnen we rustig doorrijden. Op tijd stoppen en motor af laten koelen. Omdat wij geen contant geld hebben, de man geen pinapparaat en de Aire geen ATM, rijden we achter hem aan naar zijn garage. We betalen (goeie business die snelweghulp) en gaan alsnog naar Jor en Roo. Tegen half elf zijn we daar en komt alles goed: Jor had nog wat eten bewaard en schonk een goed glas uit zijn Portugese wijnvooraad. En dan is het leven weer helemaal top! ’s Ochtends heerlijk met zijn vieren buiten ontbeten. Wel in een licht bevuilde lucht: de westenwind heeft de rook van de bosbranden bij Bordeaux ook tot Busserolles geblazen. Jor geeft ons tips over een mooie route en dan gaan we. Omdat we besloten hebben dat we de rest van ons leven geen haast meer hebben pakken we de kleinere wegen. Onderweg wippen we een winkel binnen en gaan met stokbrood, kaasje en agrume lunchen. Met uitzicht op de lokale boulesbaan. Annette merkt op dat er weinig smaak zit aan het kaasje, hetgeen ik volmondig beaam. Voorspellende woorden. In de loop van de middag voelt Annette zich steeds zieker. Ik volg iets later. Last van de maag en erg moe. Omdat ook de auto een storing meldt, zoeken we een parkeerplek in de schaduw. Klep open en allemaal even afkoelen. Annette pakt een dekentje en gaat liggen. Even later komt ze overeind en gooit in vier golven alles er uit. Ik word een beetje jaloers. Ik wil namelijk ook een lege maag. Ik zoek de bosjes op en steek mijn vinger een paar keer in mijn keel. Helaas, het klinkt als overgeven, het lijkt op overgeven maar er komt niks uit. En lost dus niks op. We besluiten naar Dax te rijden, 40 km verder. Daar is een kleine camping en dat is genoeg voor nu. Net voor de camping is een Intermarché. We kopen wat soep, brood en noedels. Nog geen zin in, maar wie weet. Als we het parkeerterrein afrijden voel ik iets omhoog komen. Ik schat dat ik max 30 seconden heb. Gelukkig is er naast het parkeerterrein een carwash, omzoomd door bosjes. Ik red het net tot de bosjes en gooi mijn kaas er ook uit. Dat lucht op. Nu naar de camping. Dan hebben we ook weer eens mazzel. Als we aan komen rijden gaat de slagboom omhoog. Een oudere mevrouw wil het terrein afrijden. Als ze ons ziet, rijdt ze weer achteruit het terrein op. We hebben nog net de mevrouw van de camping getroffen! Annette voelt zich nog steeds beroerd en vult nog maar eens een plastic zak met restanten van de lunch. Even douchen en naar bed. Eten hoeft niet. ’s Ochtends voelen we ons iets beter. We rijden Baskenland in bij 20 graden en regen. Voorbij Vitoria-Gasteiz gaat de zon volop schijn en knappen wij ook op. Zelfs de auto werkt mee: geen meldingen. We kamperen in Ciudad Rodrigo. We eten onze soep en noedels. ’s Nachts hebben we allebei nog een oprisping, die we in de kiem weten te smoren. Op de camping moet de aanhanger afgekoppeld worden. Dus de volgende dag weer meldingen. Gelukkig zijn we er bijna. Maar dan gaan we ook weer meer de bergen in en meldt de auto zich opnieuw. Op 1,9 km van ons nieuwe huis lukt het niet meer. Auto in de berm, klep open en Maria João bellen dat we niet vóór maar ná de lunch de sleutels komen halen. Als we weer durven te rijden besluiten we eerst naar ons huis te gaan om de aanhanger daar te laten staan. Na wat gepuzzel lijkt het mij verstandig de aanhanger achteruit ons pad op te rijden. Maar dat is het niet. Rook en stank: weg koppelingsplaten. Jammer, maar van later zorg. Eerst naar Maria João voor de sleutels. Als we haar kantoor binnen stappen staat ze al lachend met de sleutelbos te zwaaien. Ze gaat ons met nog meer zaken helpen, maar we moeten eerst maar snel gaan kijken hoe het huis er bij staat. “En, oh ja, ik zou de sloten vervangen, je weet maar nooit.” Vanuit ons streven om lokaal te kopen gaan we naar de ijzerwarenzaak in Góis. Vlak naast het advocatenkantoor van Maria João. Daar kopen we vooral schoonmaakmiddelen en tuinspullen: snoeischaar, sikkelmes, handschoenen. En dan gaan we naar ons huis. Dat is nog even spannend: is het écht leeg? En zo ja, wat staat er nog in? Ja, het is leeg en ja, alles staat er nog. Vooral heel veel meuk…..

De sleutel past.

2 gedachten over “Met horten en stoten

  1. Marianne

    Fijn om te horen dat jullie goed zijn aangekomen na toch wel een bijzondere reis. Wij zeggen dan altijd: ‘Weer een leuk verhaal voor op de volgende verjaardag ;-)’
    Succes met poetsen, opknappen en het ‘eigen’ te maken.

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.