100 jaar terug

      8 Reacties op 100 jaar terug
De Douro

Vandaag weer op pad. Eerst even ontbijten. Dan nog een bezoekje aan het naast gelegen kerkhof. Het Cemíterio de Agramonte. Ook bijzonder. Toen nog even gebabbeld met de meneer van ons hotel. Hij vond het een goede keus dat we de Dourovallei in gingen. Prachtig. Maar wel oppassen voor het verkeer. Zeker de eerste 30 kilometer. We rijden via de Rotunda de Boavista en de Rua Julio Dinis naar beneden naar de Dourokade. Al snel roept Annette”Stop, fietsenmaker!”. Goede actie, we moeten nog even onze banden oppompen. Een zeer vriendelijke man begroet ons. Hij pompt zelf onze banden op tot het gewenste niveau. Natuurlijk praten we een beetje. En als hij hoort dat we de Dourovallei ingaan, wordt hij ook enthousiast. Loop dadelijk even mee, ik heb daar nog informatie over. Een half uur later staan we pas weer buiten. Veel wijzer. Waar ikzelf een soort hoofdlijnen-plan had, weet ik nu veel beter wat we gaan doen. Wat is het toch leuk om met enthousiaste mensen over fietsen te praten!

Veel religieuze kunst in Porto.

Vrolijk gestemd gaan we op pad. De voorspelde drukte blijft uit. De geplande camping slaan we over. We gaan door tot Entre-os-Rios. Daar had ik een betaalbaar hotel gevonden. Helaas vanaf de Douro nog 3 kilometer omhoog. En omdat het vandaag tegen de voorspelling in weer gewoon warm en windstil is, zweet ik aardig. Als ik de laatste bocht om kom zie ik een groot geel gebouw. Alle ramen zijn dicht. Nee he, dat is toch niet onze beoogde verblijf? Als we de parkeerplaats opdraaien zien we auto’s staan. Gelukkig, ze zijn open. We staan voor een prachtig oud gebouw. Ik schat ergens begin vorige eeuw. Maar wat is dit? Het lijkt geen gewoon hotel. Inatel heet het. En het is eigendom van een stichting. Laten we maar eens naar binnen gaan.

Het Inatel in Entre-os-Rios

Voorzichtig vragen we een mevrouw aan de receptie of er een kamer vrij is. Zij blijkt nauwelijks iets anders dan Portugees te spreken. Wij spreken nauwelijks Portugees. Maar we komen er uit. Zij vraagt of we gereserveerd hebben. Nee, doen we nooit. Dan moet ze even overleggen. Even later is er witte rook. Bijzonder, ik schat in dat er van de 69 kamers ongeveer 59 nu leeg zijn. Maar het ademt de sfeer van een bijzonder tehuis. Op hetzelfde terrein ligt ook een thermaal bad. Wij vermoeden dat er vooral all-inclusive gasten zijn, die lid zijn van de Fundacion Inatel. Opgetogen lopen we door de gangen. Alles is vooroorlogs (WOII wel te verstaan). We durven nauwelijks hardop te praten. We voelen ons te gast in een oud theaterstuk. Na een prima douche gaan we wat foto’s maken. Even informeren hoe laat de bar open gaat en of we ook kunnen eten. De mevrouw schrijft op dat de bar om 19:00 open gaat en het restaurant om 19:30. Mooi.

Overal ook oude decoratie.

Als wij om 19:10 de bar in lopen (je moet niet te gretig lijken) is er nog niemand. Ook het licht is nog uit. We gaan even zitten want we moeten nog plannen op basis van de informatie van de fietsenmaker vanochtend. Na zo’n 10 minuten komt een vrouw met een karretje langs gelopen. Zij doet het licht aan en loopt dan verder naar de naastgelegen eetzaal. Met haar karretje. Nu kan het zijn dat ze angstig is voor buitenlanders of dat ze sowieso een spraakgebrek heeft. Ik heb niet de indruk dat ze ons nog komt vragen of we iets willen drinken. Niet veel na 19:30 uur zie ik al wat gasten de eetzaal in scharrelen. Even later besluit ik toch maar eens te gaan kijken. Ja hoor, er zitten al meerdere mensen aan de soep. Dus wij ook maar de eetzaal in. Een collega van de vrouw met het vermeende spraakgebrek komt op ons af. Zij excuseert zich dat ze eigenlijk nauwelijks Engels spreekt. Wij excuseren ons voor onze gebrekkige kennis van het Portugees. We besluiten samen dat we er wel uit gaan komen. Ook zij moet even vragen aan haar collega of wij kunnen eten. Dat bevestigt ons vermoeden dat het vooral all-inclusive-gasten zijn. Gelukkig krijgen we een “go”. Zij helpt ons aan een heerlijke salade. Pre-corona was het een saladebar, nu wijzen wij aan en schept zij op. Ondertussen proberen we erachter te komen wat de Portugese woorden voor worteltjes, augurken en bieten zijn. We zitten in een prachtige oude eetzaal. Stoelen, lampen, plafond, alles is in dezelfde sobere stijl. Gecombineerd met de overige gasten, allen op leeftijd, geeft dat een bijzonder sfeer. Als wij ons laatste glaasje wijn drinken (doet verder niemand, ze drinken alleen water, maar ja, dat hebben wij de hele dag al gedaan) zijn alle gasten al weer weg. Ook onze aardige juffrouw is even verdwenen. Omdat ik nog wel een toetje lust en gezien heb dat ze een soort plakken cake hebben liggen, waag ik mijn kans met de mevrouw met het vermeende spraakgebrek dan wel vreemdelingenangst. Niks aan de hand. Prima mens. Zij laat zien dat ze ook nog een soort crème brûlée heeft en een drilpuddinkje met ananassmaak. Meen ik uit haar woorden op te kunnen maken. Omdat ik even aarzel stelt zij voor een bordje met alle drie te maken. Voor ik ja of nee kan zeggen schept ze lachend op. Ze noemt de Portugese namen, drukt mij een vol bord in de handen en gaat er nog eentje maken voor Annette. Annette probeert nog het drilpuddinkje tegen te houden. Tevergeefs. Meer dan voldaan zoeken we onze kamers op. Mooie dag.

De entree.
Speciaal glas in de tussendeuren.
Zijdeur.

8 gedachten over “100 jaar terug

  1. Annibeth

    Inderdaad zijn ze wat klein. En niet iedere bakker maakt ze lekker…..
    Kan maar zo zijn dat jullie fietsenmaker ook die van ons van vorig jaar was. Aan de Douro.
    Weer een mooi verhaal over jullie overnachting!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.