Tien meter vooruit

      1 reactie op Tien meter vooruit

Fietsen is best intensief. Vooral fietsen op niet verharde wegen. Met bagage. Ook is er een enorme verscheidenheid aan soort paden waar je overheen gaat. Stevig aangestampte aarde, los zand, grind, gravel, met en zonder kuilen. Met en zonder grote keien. Vlak of als een wasbord. Gaten, keien, boomwortels. En zelfs een keer zacht vulkanisch materiaal. En dat vraagt wat van de fietser. Je moet goed opletten wat er op je weg ligt. Bij wasbordwegen ben je continue op zoek naar het best begaanbare spoor. Bij veel kuilen of grote keien ben je steeds op je hoede en kun je eigenlijk weinig meer doen dan op de weg kijken. Daarom is het vaak lastig om wild te zien of een fotogeniek uitzicht. Maar goed, ik ben dan ook hier om te fietsen. En gelukkig gebeurt er ook veel zo vlak voor je fiets. Zo heb ik al veel slangen gezien. Het merendeel dood trouwens. Overreden. Ook twee levende. Eén besloot onder al onze aandacht zelf terug het bos in te gaan. De ander heb ik, na een foto gemaakt te hebben, zachtjes de berm in geduwd.

image

In het Great Divide Basin zag ik een beestje de weg over rennen, dat vrijwel dezelfde kleur had als het zand. Eerst dacht ik aan een schorpioen. Dat is namelijk een eng beest en die wil je het liefst gezien hebben. Maar bij een volgende ontmoeting kon ik een foto maken. Internet bracht uitkomst. Het is een kort-hoorn hagedis. Goed, minder spannend, wel bijzonder. Toch? Wie heeft er ook al eens eentje gezien? Dacht ik al.
Ook niet spectaculair maar wel opmerkelijk zijn de sprinkhanen. Ik ken nu twee soorten. De gewone, zoals in Nederland (ik ben geen bioloog, dus zeg nu misschien wel iets heel doms). Als je op de Veluwe over de hei loopt, springen ze vlak voor je weg. Omdat de hei nogal ongeordend is en ze volgens mij bij het begin van de sprong niet weten waar ze terecht komen, ziet de landing er nogal stuntelig uit. Ik heb nu ontdekt dat dat in de aard van het beestje zit. Vrijwel elke sprong, ook op een keurig overzichtelijk pad eindigt in een buiteling. Sprinkhanen kunnen wel springen, maar niet landen! Stel je voor dat je zo geboren wordt: je moet springen, maar je weet dat je na elke sprong over de kop gaat. Wat een leven!
Maar er leeft hier nog een andere soort sprinkhanen. Die hebben kleine vleugeltjes. Met die vleugeltjes kunnen ze een meter of 5 à 6 vliegen. Ze maken daarbij wel veel lawaai. Een geknetter alsof het vliegen enorm veel energie kost. De vleugeltjes hebben kleurtjes, zoals bij vlinders, maar niet zo mooi. Hun vlucht is ook veel minder sierlijk. Ik denk dat ze eigenlijk allemaal heel graag een vlinder zouden willen zijn. Een vergissing van de evolutie. Maar ja, die zijn er wel meer. Zo zie je toch nog een heleboel als je alleen maar tien meter vooruit kijkt op de weg.

image

1 gedachte over “Tien meter vooruit

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.